donderdag 1 februari 2007

222. Levensloop meester Alberts


In januari '60 kwam ik in Vroomshoop en kreeg een nogal dynamische groep in klas 5 onder mijn hoede. Na 2 of 3 weken had ik die 36 lievertjes zover dat ze niet alleen hun eigen zin deden, maar ook die van mij. Nog steeds fijne herinneringen aan die klas. Het volgende jaar ('61-'62) kreeg ik jullie klas in 3. In dat jaar is er geen schoolfoto gemaakt. Heb niet veel, maar beslist geen slechte herinneringen aan jullie. Gevolg van bijzondere braafheid. Niet van mijn kant natuurlijk, maar... de jaren daarna klas 5, 4, 3, 5, 4, 3 enzovoort. Tengevolge van deze regeling is er 1 lichting aan mij ontsnapt en mocht er één klas twee jaar lang van dezelfde ‘wijze’ man genieten.

In die goeie ouwe tijd haalde de heer van Duijn op de laatste vrijdag van de maand onze guldentjes op bij dhr. M. de Groot en dan kregen we onze envelop met inhoud, wel fl. 300, na schooltijd, in het kamertje met op de tafel groen laken, bedekt met plastic.
Juffen van Dijk en Kronemeijer zagen eens kans om mijn envelop heimelijk weg te nemen. Ik liet niks merken en ging naar huis. Een half uur later stoof Janneke woedend bij ons binnen, smeet mijn geld op tafel met de woorden "hier ijskouwe, en nou mis ik mijn trein". Of zij de trein toen echt gemist heeft en dus een uur later in Kollum bij haar ouders was, dat weet ik niet meer.

Van Dijken was een echte vogelman. Eens stapte ik vanuit de vierde klas door de open (!) tussendeur bij hem binnen. Een flinke kinderschaar en een klas kanaries, gehuisvest in een volière achter in de klas op de kast. Ik nam het woord en sprak tot de kanaries: "Rookt jullie meester een sigaar of een piep?" Een van de vogeltjes antwoordde prompt naar waarheid:"piep". Dat heeft mij vanwege de weddenschap vooraf: "kunnen die vogeltjes al praten?" nog een reep chocola opgeleverd.
Mulder was de man van de Elisabethbode en verloor eens vlak bij de spoorbomen de macht over de bijbehorende dubbeltjes en liet deze munten hun eigen weg kiezen op en over de klinkers, maar na enig buk- en grijpwerk waren alle penningskens weer terecht.

In de herfst van 1968 moest ik een tijdje logeren in Hengelo, in het ziekenhuis. Op de eerste dag van mijn herintrede werd mij een sleutel van de school overhandigd, ruim 8 jaar na mijn eerste verzoek. Collega Stienstra was van mening dat mijn exemplaar in eremetaal uitgevoerd had moeten zijn, ik had er het langst om gezeurd.

De laatste jaren dat de heer van Duijn voor de klas stond was hij helaas vaak niet goed meer in staat zijn werk te doen. De diverse pauzes werden steeds langer en half maart 1972 ging het helemaal niet meer en is er een vervanger gevonden voor mijn vierde klas en heb ik mijn vorige (vijfde), bijzonder prettige klas naar hun laatste schooldag begeleid.

Terwijl ik dit schrijf schiet mij artikel 1 van de toenmalige Lager Onderwijswet te binnen, die ik in 1948 bij mijn examen goed moest kennen:
"Het onderwijs wordt onder het aanleren van gepaste en nuttige kundigheden dienstbaar gemaakt aan de ontwikkeling van de verstandelijke vermogens van het kind, aan zijn lichamelijke oefening en aan de opleiding tot alle Christelijke en maatschappelijke deugden."

Mijn ruim duizend ex-klasgenoten moeten, als ze dat willen, maar beoordelen of ik voldoende naar de letter en de geest van de wet heb gewerkt. Ongeacht de uitkomst van die beoordeling blijf ik bij mijn favoriete spreuk: "Mea mihi conscientia pluris est quam omnio sermo" hetwelk betekent: "Mijn geweten is mij meer (waard) dan het geklets van alle mensen."

Een van mijn collega's uit de Oudheid, dhr. Quintilianus, had ook een lijfspreuk; "Quem Dii ode re paedagogum fecere" (Dien de gode/n haten hebben zij schoolmeester gemaakt). Maar dat vind ik ongepast!
Of werd deze antieke Romein zo erg onderbetaald dat hij dit daarom in wanhoop uitriep? Laten wij het daar maar op houden.

Veel plezier toegewenst op de feestdag, de 21e april!

In dankbare herinnering, jullie meester Alberts.

221. Interview Tubantia

Hans Nieboer, ook onze gids op 21 april, gaat afspraken maken met Jan Reiling, Giny Kremer en Erry van Dijk voor een interview. Het wordt dan geplaatst in het Dagblad Tubantia.

220. Bericht van de penningmeester

Hallo beste mensen,

Helaas heb ik nog niet van iedereen de betaling voor ons feest van herkenning ontvangen. 1 april is onze deadline. Want daarna ga ik met Hanny van Veldhuizen afspraken maken met Party Grill Centrum de Zandstuve. Dus a.u.b. graag vandaag of morgen de € 55,00 overmaken op bankrekening 59.41.25.820 t.n.v. G.Bosch onder vermelding van reunie meester van Duijn school.
Ik kan jullie nu alvast meedelen dat we qua kosten keurig binnen de begroting kunnen blijven, maar dat is wel mede dank zij een aantal sponsoren:

  1. Bert Visser zorgt voor de attenties voor fotografen en gidsen
  2. De firma Sickman uit Vroomshoop stelt gratis en voor niets een dubbeldekker ter beschikking voor onze schoolreis
  3. Henk Konijnenberg maakt en levert ons op 21 april een prachtige kleuren groepsfoto. 42 kleuren foto's als cadeautje
  4. Albert Pierik is de hele dag aanwezig om sfeer foto's te maken, om niet
  5. Nico Stegeman en Teun Kolkman gaan samen een hele dag ploeteren bij een school om gratis en voor niets onze reunie brochure te drukken (2000 a4 tjes)
  6. Hennie van Veen maakt onze badges voor eigen rekening

Ik zie jullie bijdrage € 55,00 graag binnen een aantal dagen tegemoet!

Nog maar 26 nachtjes slapen en dan gaan we op schoolreisje, ik heb de melkbus al geregeld, Hanny van Veldhuizen zorgt voor de ranja! Enne......Hanny alvast gefeliciteerd met je verjaardag van woensdag a.s.

Met vriendelijke groet,

Geert Bosch

219. Reactie op nr 180

Onder nummer 180 heb ik wat foto's opgenomen van bijzondere gebeurtenissen in 1965. Ik ben er 1 vergeten, juffrouw Nauta is op 9 juli 1965 getrouwd met Henk Mulder in Almelo! Zie levensloop juf Nauta nr 80.

218. Hanny van Veldhuizen 54 jaar!


Op woensdag 28 maart wordt Hanny van Veldhuizen 54 jaar. Lang zal ze leven in de gloria!


Dreef 26
7681 CS
Vroomshoop
0546-643369
h.vanveldhuizen@hetnet.nl


zakelijk: telefoon. 0546 - 544 363


217. Kleine voorreunie

Op 18 april is Erry van Dijk al in het land. Ook Giny Kremer is er eerder dan de reunie op 21 april. Wanneer Jan Reiling komt is nog niet duidelijk. Omwille van deze drie emigranten gaan Hanny van Veldhuizen en Geert Bosch bezien of er op een avond voor de 21e iets te doen valt in een kleiner verband met de emigranten en de klasgenoten die in Vroomshoop of niet ver daarbuiten wonen. Jullie horen ervan!

216. Reactie uit Noorwegen op foto nr 189

Hoi
Ik heb een paar foutjes ondekt in de foto die op blog 189 staat. Het betreft die foto voor een vliegtuig op Schiphol. Nr 14 is mijn broer Gerrit Reiling. Nr 7 is Gerrit de Groot (zonder vraagteken. Hij is nl. mijn neef en ik herken hem duidelijk. Volgens mijn broer, mijn zus en mij zelf kan nr 45 niet Jan Top zijn. Jan Top is ook mijn neef en hij is ouder dan deze twee klassen. Volgens mijn broer zijn dit twee klassen die in 1950 en 1951 zijn geboren. Dus drie en twee jaar ouder dan ons. Mijn familie volgt goed mee in alles wat op de blog staat en die vinden het hartstikke leuk.
Tot ziens op 21 april.
mvg
Jan


Beste Jan, Nico Stegeman zal nr 189 aanpassen met jou aanvullingen!

215. Gratis op schoolreisje met Carl Jan Sickman


Op mijn dertien jarige leeftijd, toen ik net afscheid had genomen van de 6e klas lagere school en met een grote boekentas naar de Mulo ging, werd de 2e zoon van Coen en Janny Sickman geboren. Onze buren op Julianastraat 7b te Vroomshoop. Op het grond gebied van de huidige Aldi, daar heeft zich heel wat afgespeeld. Papa en mama Sickman hadden al een rijschool en begonnen naast ons ook een garage in het oude pand van buurman Bloemhof tegen over de woning van de opa en oma van Luuk Lucas. Als jonge ondernemers hadden ze dus weinig tijd voor de kinderen. Oppassen was mijn plezierige lot! Veel heb ik met Carl Jan in de wandelwagen rond gelopen door Vroomshoop. Dat kleine jochie van toen is inmiddels ook al over de 40. Natuurlijk was ik op zijn 40 e verjaardag in Vroomshoop.
'Voor wat hoort wat', die grote Carl Jan Sickman van nu gaat ons gratis als chauffeur op onze schoolreis door Vroomshoop begeleiden met die mooie dubbel dekker. Samen met zijn broer Alwin en op de achtergrond papa Coen hebben ze er een groot bedrijf van gemaakt.Het toeval wil dat ze nu gevestigd zijn aan de Kolkmanweg te Vroomshoop.




Sickman Personenvervoer bv
Kantoor:Kolkmanweg 57681 EG Vroomshoop
Correspondentie:Postbus 437680 AA Vroomshoop
Telefoon:0546-642 598 Telefax: 0546-641 413
Internet: www.sickman.nl

E-mail: info@sickman.nl
Voor vragen met betrekking tot handel of ombouw van voertuigen:
Telefoon:0546-642 598
E-mail: trade@sickman.nl

214. Verslag India reis van Betty de Jong als 23 jarige in 1976


The magical mystery tour naar India door Betty de Jong.

Het was 1976 en ik was 23 jaar. De vrijheid lokte en ik zei mijn baan op. Met een vriendin hadden we het plan om naar India te gaan met de Magic Bus. Een enkeltje Amsterdam naar New Delhi voor slechts 350 gulden. In september vertrokken we, richting winter en niet zo heet in de Aziatische landen. Uitgezwaaid in Zwolle door mij ouders, die het wel erg moeilijk vonden dat ik voor een jaar wegging. Maar we hadden vaste plekken waar we heen reden en zo konden we 'post restante' schrijven en ook een collect call was mogelijk.
Eerst van Amsterdam naar Athene, waarover we 2 nachten en drie dagen deden. In Athene verbleven we een korte week en sliepen in een sleep-inn. Ik was blij dat ik mijn eigen slaapzak mee had en dat werd ongeveer mijn eigen huis, lekker vertrouwd. In Athene veel gezien en na vijf dagen overgestapt op een andere bus, die ons in een maand naar New Delhi zou vervoeren. De bus ging eigenlijk naar Nepal, alwaar hij verkocht werd. De reis ging naar Istanbul, waar we ook ongeveer 5 dagen zouden verblijven. Van de reis herinner ik mij niet zoveel, wel dat we veel s 'nachts reden en dat je dan van alles op de weg tegenkwam. In Istanbul heb ik naast dat we de stad grondig bezochten veel in de “puddingshop'' gezeten. Een soort koffiehuis waar studenten uit Istanbul en westerse 'hippies' elkaar ontmoeten en ik herinner mij de vele discussies over geloof, de cultuur, het leven e.d. Ik vond het fantastisch en erg leerzaam. Van Istanbul naar Erzurum in Oost Turkije. De reis was niet zonder gevaar en ik herinner mij dat wij ergens stopten om te eten e.d. Dat we snel naar de bus moesten omdat men ons met stenen bekogelden. Het oosten van Turkije was erg arm en primitief.
Ik herinner mij dat ik een keer een sanitaire stop moest maken en door 'straatkinderen' belaagd werd. Een Turkse man joeg de kinderen weg, maar ja toen wilde hij wel zijn beloning...... Gelukkig was ik assertief en schreeuwen in het Nederlands verrichtte wonderen. Er is toen wel met de groep in de bus besloten, dat de dames niet meer alleen weg mochten en door enkele heren vergezeld werden. Maar Erzurum was fantastisch en erg vriendelijk. We hebben een paar dagen doorgebracht in een ski oord en het was erg luxe, na de sleep-inns waar we eerder geslapen hadden.
Van hieruit naar Iran, wat niet mijn favoriete land was. Bij de grens deden ze al moeilijk en geloofden mijn handtekening niet, dus een lang oponthoud door mij. Gelukkig hielp een steekpenning, dus konden we weer verder.
In Iran, toen trouwens nog Perzie, een stop in Teheran waar we ook weer wat dagen verbleven. Ik voelde mij daar niet op mijn gemak, aangezien het een erge mannen cultuur is. Weinig vrouwen op straat en geen contact hiermee, behalve in het badhuis, waar we heen gingen, maar daar heerste ook geen prettige sfeer. Door naar Mashad waar we de gouden tempel bezochten in traditioneel kledij. Degene in het zwart ben ik (zie foto), mijn blonde vriendinnen hadden veel bekijks. Van Iran naar Afganistan. Eerst naar Herat, waar de bevolking erg vriendelijk was. De vrouwen lopen wel in burqa, maar doen die binnen direct af, ze wilden graag contact, wat erg leuk was. Van Herat naar Kabul, waar mijn vriendin vrienden had wonen. Hij werkte voor de VN en deed een volkstelling. Kabul was een prachtige en fascinerende stad en wij verbleven er heerlijk 'luxueus'. ( ik ben op het ogenblik 'de Vliegeraar' aan het lezen en dit geeft een prachtig beeld van het Afganistan van toen).
Van Afghanistan naar Pakistan door de fascinerende, maar ook gevaarlijke Khyberpass. Dit moesten we zonder stops rijden, want stoppen was te gevaarlijk.
Van Pakistan is alleen Khandahar blijven hangen, maar ik vond de sfeer niet prettig, de mannen fanatiek en net zoals in Iran vertrouwde ze ik niet. We zijn niet lang in Pakistan gebleven en India was een verademing. Veel vrouwen op straat. Erg nieuwsgierig maar vriendelijk, veel humor en de voertaal is Engels, dus erg prettig. We reden vaak s' nachts, omdat het overdag heet en druk was. Fascinerend wat je allemaal voor dieren zag en ook veel mensen die s' nachts leefden en werkten.
New Dehli was de eindstop voor ons met de bus en we moesten afscheid nemen van vrienden en vriendinnen die we in een maand gemaakt hadden. Veel gingen verder mee naar Nepal, maar wij wilden daar later heen. Een tijdje in New Delhi verbleven in de hectische stad met rijkdom en erge armoede. Veel bedelaars, wat we eigenlijk nog niet tegen waren gekomen. Toen verder gereisd naar Mount Abu, Jaipur en vele andere bekende plaatsen met openbaar vervoer, wat prima ging. Ons doel was Goa . In Goa zijn we een tijd gebleven, want we waren reis moe. Inmiddels waren we met z'n vieren en konden we een huis huren in Goa en het luie leventje begon, strand, zee, zon en de bevolking wat helpen. Het was er allemaal zeer gemoedelijk en relaxt. Ik kan mij dat leven nu niet meer voorstellen. En zo ben ik daar een tijdje gebleven en onverwachts naar Engeland teruggevlogen. Waar ik een maand over had gedaan, deed ik terug in 10 uur. Bizar. Ik heb toen een tijdje in Engeland gewoond. Na een paar maanden kon ik weer terug in mijn oude kamer in Groningen en ging ik naar de sociale academie. Alsof er niets was gebeurt. Alhoewel...........

214 A. foto's van Betty de Jong van haar reis naar India op 23 jarige leeftijd

De grensovergang bij Iran

Betty de Jong voor de gouden tempel in Mashad




Betty de Jong met schaapherder

213. Levensloop Gea Dubbink

Beste klasgenoten,

Ik ben Gea Schuldink-Dubbink. ‘Gerja’ was het op de lagere school, maar die naam werd te moeilijk en is toen afgekort. Ben na de lagere school naar de MULO gegaan, tot de tweede klas en toen had ik er niet veel zin meer in. Op mijn veertiende ben ik toen gaan werken bij Postma’s kruidenierszaak, ik heb daar bijna 6 jaar gewerkt. Toen wou ik meer verdienen en kwam ik bij de gezinshulp.
In 1977 zijn we getrouwd en ik ben toen gestopt met het werk vanwege de kinderen (drie dochters). Daarna kwam ik weer bij de thuiszorg, maar niet meer in gezinnen, maar bij bejaarde mensen als alphahulp in Vroomshoop en dat doe ik nu nog steeds. Foto’s van school heb ik niet en ik kan het mijn ouders niet vragen, want die zijn overleden.
In 2004 overleed mijn man aan kanker. Dan staat je hele leven op de kop. Ik schrijf er niet zoveel over want ik vind het te moeilijk om alles terug te vertellen.
Mijn hobby is volleybal, iedere dinsdagavond in de sporthal. Een gezellige club van vijftigplussers, de oudste is 66 dus het gaat niet zo hard, maar we kletsen er ook heel wat af. Dit is mijn schrijven over wat ik zo doe en wat ik heb beleefd.
Hartelijke groeten van Gea

212. Levensloop Dinie Derks

Zo, ik zal me eerst eens voorstellen. Ik ben Dinie Regeling Derks en ben getrouwd met Ben Regeling.We hebben drie kinderen, twee jongens en een meisje. De oudste is lasser en vrachtwagenchauffeur, de andere jongen zit bij de Luchtmacht in Volkel, en onze dochter zit in de kinderopvang in Almelo. Ze zijn alledrie al de deur uit, alleen Bernardo komt in de weekeinden thuis van de Luchtmacht.

Ik zal nog even vertellen wat ik na de lagere school heb gedaan. Eerst heb ik nog een jaar naar de huishoudschool gegaan. Daar ben ik mee gestopt, toen heb ik twee jaar wat in de verzorging gedaan. Daar moest ik mee stoppen, want ik mocht niet verder leren van m’n ouders. Dus ben ik naar de Marathon in Vroomshoop gaan werken. Het ‘gulpenfabriek’ noemde ze het toen, dat heb ik vijf jaar volgehouden. Daarna heb ik alleen maar cursussen gevolgd in het schilderen, leuk werk want ik doe het nog steeds.

Nu geef ik ook, van ’s maandags tot vrijdags, cursus olieverfschilderen, aquarelleren en pentekenen, werken met acrylverf en portrettekenen. Ik heb ook nog een cursus boetseren gedaan en daar ga ik na de vakantie nee beginnen, ook heel leuk werk.

Ook heb ik een cursus patroontekenen gedaan, dus met andere woorden, we doen alles zelf want het is allemaal leuk om te doen. Zelfs haarknippen doe ik, heb ik drie jaar voor geleerd in de avonduren.

Ik heb het heel druk met portrettekenen, heel veel opdrachten en ook veel olieverfschilderijen maak ik in opdracht dus ik heb haast geen tijd meer voor andere dingen in huis.

Groeten van Dinie en tot 21 april

211. Levensloop Betsie Dubbink


Beste klasgenoten, ik ben Betsie Teunis-Dubbink en ik zat bij mijn zus Gerja in de klas. Zij is iets groter dan mij, maar ik ben iets ouder (niet veel). Er wonen nog heel wat klasgenoten in Vroomshoop en die kom ik nog wel eens tegen. Ben na de lagere school naar de meisjesvakschool gegaan, daar leerde je van alles. Juffrouw Bakker was het hoofd van deze school, Geesie noemden we haar altijd. Eerst heb ik in Vroomshoop gewoond, later in Westerhaar en nu woon ik weer in Vroomshoop. Ik ben nu 35 jaar getrouwd en ik heb een zoon, die woont in Vriezenveen.
Na de meisjesvakschool ben ik gaan werken in een kledingwinkel, de mode vind ik wel leuk. ’s Zaterdags stond ik ook nog in een viskraam bij mijn ouderlijk huis aan de Hammerweg, waar ik eerst woonde. Nu werk ik weer in dezelfde winkel, maar nu voor een paar dagen in de week, zo’n 24 uur. Dit was mijn schrijven over wat ik zoal doe, tot ziens op 21 april!

Hartelijke groeten van Betsie.

210. Foto Konijnenberg

Wanneer je via Ommen Den Ham binnen rijdt vindt je aan je rechterhand de Gereformeerde Kerk aan de Ommerweg. Direct daar naast staat het grote pand van Henk Konijnenberg (de vroegere Rabobank). Henk gaat ons op 21 april laten vast leggen op de gevoelige plaat. Na de lunch en voor het schoolreisje aan komt Henk Volkers een groepsfoto maken. Hij neemt een speciale fotoprinter mee om ter plekke 42 foto's te printen. Wanneer wij terug zijn van het schoolreisje liggen de prachtige kleuren prints al klaar. En dat allemaal gratis!!!!

Henk Konijnenberg alvast hartelijk bedankt!

Foto Konijnenberg bv
Ommerweg 5 7683 AV Den Ham (OV)
The Netherlands
Tel: (0031) (0)546-671843
Fax: (0031) (0)546-672943
E-mail info@foto-konijnenberg.nl
verkoop@foto-konijnenberg.nl
www.fotokonijnenberg.nl

209. 30 jaar PICO MODE




De komende week is het de hele week feest in Enschede bij PICO MODE, omdat onze oud klasgenoot Pieter Kooi samen met zijn Anneke en team het 30 jarig bestaan viert van zijn mode zaak. Pieter van harte gefeliciteerd! Kijk eens op www.picomode.nl Of stuur een kaartje naar Pieter Kooi, Mr. P.J.Troelstratstraat 18, 7522 BE Enschede. Of email hem op kooi@pico-mode.nl

208. Levensloop Hennie Berenst - Lamberink


(Hennie met zussen Geertje en Alie )

Hier even een stukje van mij, na de lagere school ben ik naar de huishoudschool geweest, daarna heb ik bij Jansen en Tilanus gewerkt. En vandaar uit ben ik aan het werk geweest bij Slagerij de Graaf in de huishouding. Daarna heb ik bij de Ambachtschool als schoonmaakster gewerkt, hier heb ik tot aan mijn trouwen gewerkt.
2 mei 1980 ben ik getrouwd met Henk Berenst en zijn we aan de Admiraal de Ruyterstraat gaan wonen, waar we nu nog wonen. Wij hebben 3 kinderen gekregen, mijn oudste zoon Jan-Anne is geboren op 16 oktober 1981, hij is nu getrouwd met Simone Veenstra. Hennie met man en kinderen
Mijn tweede kind is een dochter, Renate, zij is geboren op 10 november 1984 en zij trouwt in september aanstaande met Alfred Bolks. De derde is weer een zoon, hij heet René en is geboren op 8 oktober 1988. Bij leven en welzijn worden wij straks in juli Opa en Oma, want bij mijn oudste zoon wordt een baby verwacht.
In 2003 ben ik ziek geweest, ik heb borstkanker gehad, ik ben nu nog onder controle en het gaat nog steeds goed.
Ik ben nu huisvrouw en pas 2 dagen in de week op, op het dochtertje van mijn nichtje. Als alles goed mag gaan, ga ik ook 1 dag oppassen op mijn kleinkind.

Ik heb er zin in om jullie weer te zien op 21 april.

Tot dan! Groeten,

Hennie Berenst-Lamberink

207. Levensloop Errie van Dijk

Errie van Dijk als stewardess onderweg van New Delhi naar Tokyo. Lunch met collega's 1996.

Errie van Dijk op 28 juni 1994 in Argentinie. Haar verjaardag 41 jaar!

Errie heeft 20 jaar in het centrum van Rome gewoond met uitzicht op het Coloseum (1998)











206. Spoorwegovergang Julianastraat Vroomshoop 1945


Een karrespoor zover je keek....
De zon scheen door een kier, en langs de zandweg fluisterden de populieren.
Rechts over de spoorwegovergang woont nu Klaas de Groot op nr 26.

205. Levensloop Klaas de Groot


Hallo oud-klasgenoten,

Ik lees met verbazing jullie verhalen op het blog. Dat jullie dat allemaal nog weten! Voor mij is het meer een o ja-erlebnis. Wel hartstikke leuk natuurlijk. Maar goed, ook ik zal mijn verhaal vertellen.

Uit eerste hand kan ik jullie iets vertellen over mijn eerste levensjaren. Mijn vader, in mei wordt hij 83, en mijn moeder, in januari 77 geworden, leven allebei nog. Ze wonen in goede gezondheid en zelfstandig aan de Beukenhoek in Vroomshoop. Als de weersomstandigheden het toelaten, maken we samen bijna elke zondagmiddag nog een wandeling van ongeveer een uur. De ene keer een rondje Vroomshoop, waarbij alle bouwactiviteiten bekeken moeten worden, een andere keer door een van de mooie stukjes natuur in de omgeving. Mijn vader en moeder hebben 4 kinderen. Ik ben de oudste. Mijn zus Alice, die in Duitsland woont aan de rand van het Odenwald, komt een jaartje achter mij aan en zat dus een klas lager dan ons. Henk George is mijn eerstvolgende broer en vergezeld ons vaak op de zondagmiddagwandelingen. Mijn jongste broer is Roel, die in Enschede woont.

Ben geboren op 19 april 1953 op het adres Hammerstraat 18, het wordt binnenkort afgebroken. Het voorste deel van het pand was opslagruimte van Heinz Entjes die z'n winkel, die van de Nederlandse Hitparade, en werkplaats aan de overkant van de straat had. In het achterste deel woonden wij. Op een motor, die tegen wat strobalen in de schuur stond, heb ik virtueel zitten racen. Bij de buren, schoenmaker de Vries, kwam ik ook veel over de vloer en verder liep ik op m'n klompen richting de brug om in de etalage van Kottier te kijken naar de elektrische trein die daar rondjes reed. Van de kleuterschool weet ik mij niets te herinneren.

In 1957 verhuisden we naar Julianastraat 26. Mijn vader en moeder hadden daar een huis laten zetten. Bouw- en grondkosten: f 20.000.--. Teun, vergelijk maar met jouw huis op Julianastraat 7b, Het huis was getekend door dezelfde architect, nml. Schuitemaker.
(julianastraat 7b huis van Teun Kolkman)
Op de lagere school speelde ik onder andere met Pieter Kooi. Die tekening van het monumentale pand kent voor mij geen geheimen. Op de grote zolder boven de zaak had, en heeft?, Renzo, de oudere broer van Pieter, een grote treinbaan. Hij vond het niet leuk als wij met z'n trein aan het spelen waren geweest! Voor een van de ramen boven hangt nu een webcam die beelden van Vroomshoop, via de site van oud-Vroomshoper Jan Kassies, over de hele wereld stuurt.
De verjaardagen van Geert Bosch waren bijzonder, niet omdat Geert jarig was maar omdat z'n vader leuke verhaaltjes en goede moppen kon vertellen.
Op feest- en gedenkdagen moest de vlag uit op school. Daar kwam de schilder voor in actie en aangezien dat mijn vader was, heb ik vaak geholpen de vlag uit te steken en weer te strijken.
Ter afsluiting van het clubseizoen heeft de jongensclub zeker een keer meegedaan met een toneelstukje "De zangvereniging van ….. " Zeker 10 pijprokende, met alle gevolgen van dien, jongens van ongeveer 12 jaar op het podium in Irene. Speelde Gerrit Kremer niet de rol van een wat doof koorlid, die met het zingen niet helemaal in de pas liep met de rest?

Na de lagere school naar de HBS in Hardenberg. Daar hebben jullie al meer over gelezen.
Verzamelen met de fiets bij Kottier. Op een zonnige morgen schrokken we behoorlijk toen het zonnescherm naar beneden kwam, wel langzaam maar toch. Wat bleek, bij een recente verbouwing/uitbreiding was een zonlichtgevoelige cel geplaatst. Die zorgde ervoor dat het zonnescherm, nog voor de zonnestralen het speelgoed in de etalage kon doen verkleuren, op tijd naar beneden ging. Jaap Kottier kon nog mooi even in bed blijven liggen.
Bert Visser, van "de dubbele stroate", memoreerde al even aan Berry Brugman. Komende uit Almelo pikt hij op zaterdagmorgen, ja, ja ook op zaterdagmorgen moesten we nog lessen volgen, een aantal fietsers op bij de afslag Mariënberg. Wat later uit bed en zaterdagmiddag op tijd in huis voor de sport! Eenmaal kwam hij lijkbleek het viaduct afgelopen, had nog net kunnen uitwijken voor een tegenligger, z'n auto in de vangrail. "Of iemand iets te roken had" was z'n eerste vraag.
Was ons record Hardenberg-Vroomshoop, op huus an, 28 minuten? Wind mee, maar niet gestayerd door een Solex.
De jaarlijkse sportdag begon met een nachtje kamperen. Wie heeft samen met mij in zo'n piepklein militair tentje gekampeerd? Na in vijf jaar drie klassen te hebben doorlopen, was het einde oefening voor mij op de Jan van Arkel. Een paar jaar later, na een reünie!, nog eens met de auto van mijn vader in de sloot terechtgekomen. Linker bochten rijden was niet mogelijk door het ingedeukte spatbord, dus er werd een speciale rechtsom route gereden naar en door Vroomshoop.

Opa en oma de Groot hadden een schilderszaak en drogisterij aan de Hammerstraat 35. Opa was de schilder en oma deed de drogisterij. Mijn vader was ook schilder maar had ook z'n papieren voor de drogisterij.
Na een winter aan het Kortenaerplein gewoond te hebben, werd er stuivertje gewisseld. In 1969 wij, na een flinke verbouwing/uitbreiding, naar de Hammerstraat en opa en oma naar de Julianastraat. Met de schildertak werd gestopt, verf en aanverwante artikelen werden nog wel volop verkocht. "Drogisterij de Groot, Verf, Glas en Behang" kwam op de gevel te staan.

Drogist zijn was misschien ook wel mijn toekomst en daarom volgde ik het advies van mijn vader op. In 1970 ging ik in Hengelo een opleiding tot apothekersassistent volgen. Wist ik veel, allemaal meiden. Voelde me prima thuis tussen de vrouwen en liep stage bij apotheek Dam Backer aan de Grotestraat-Citypromenade, in Almelo. Vervoermiddel: Een witte Puch! Direct na het behalen van mijn diploma in militaire dienst. Na de "basistraining" als opleider aan de slag. Dienstplichtig sergeant de Groot die 2x een groep rekruten van 10 man ook weer tot soldaat opleidde. Achteraf gezien een aparte ervaring.

In november 1974, na 18 maanden dienstplicht, kon ik direct aan het werk bij de apotheek waar ik ook stage had gelopen. Na voldoende werkervaring te hebben opgedaan, deed je ook nachtdienst. 1x in de vier weken had de apotheek dienst. Mijn vrouwelijke collega's waren er maar wat happig op om mij wat nachtdiensten te laten draaien. Ik deed het alleen, de dames twee aan twee. Ik heb wel eens een balletje opgeworpen …….

Bea Timmer was de vriendin van mijn zus Alice en ik kende haar van de korfbal. Van het een kwam het ander (wat dat dan ook maar is) en op 5 augustus 1977 zijn we getrouwd.
We gingen wonen op het voor mij bekende adres Julianastraat 26 en daar wonen we nog steeds. Na twee verbouwingen is ons huis levensloopbestendig en hopelijk wij ook.

We zijn dit jaar 30 getrouwd en samen met onze twee kinderen plus de verkering maken we ter gelegenheid daarvan deze zomer een rondreis van drie weken door, let op Jan Reiling, Noorwegen.
Onze oudste, Wilma, studeert chemische technologie aan de UT in Enschede. Voor haar studie heeft ze drie maanden stage gelopen bij DSM in de buurt van Bergamo in Noord-Italië. Op 2 januari 2007 hebben we haar 24e verjaardag in Italië gevierd.
(Wilma met vriend Evert, lekker aan de tiramisu op haar 24e verjaardag in Italië.)




(Klaas en Bea in Bergamo, Italie)










Onze zoon Marco, van 6 juni 1984, heeft na wat schoolomzwervingen en een MBO-4 diploma ICT zijn draai helemaal gevonden op de inpakafdeling van de boxsprings van Eastborn, die van de Gooise matras. Ook gaat hij het land in om showrooms van Eastborn op te bouwen.
(Marco met vriendin Anne)

Moederskant van mijn stamboom is Koster, uit de Wilhelminastraat. Greetje Koster, ook al genoemd op het blog, is mijn bijna 2 jaar oudere tante. Door mijn oom Siem Koster werd ik al vroeg meegesleept naar het korfbalveld. Vanaf mijn negende was ik lid van de korfbalvereniging TOP. Wie heeft niet meegedaan aan de schoolkorfbaltoernooien! Voordat ik 20 was, had ik diverse taken op mij genomen. Ik was oa. wedstrijdsecretaris en jeugdtrainer. Diverse successen geboekt met de jeugd van TOP en 1 seizoen de jeugdselectie van Overijssel gecoacht.
In 1981 heb ik van mijn hobby mijn beroep gemaakt. Ik werd de eerste betaalde administratieve kracht van de afdeling Overijssel van het korfbalverbond. Mijn eerste standplaats was Hengelo. Prachtig die pionierstijd. In je eentje alles zelf uitvinden en uitvoeren. In 1990 werd er gefuseerd. Samen met de collega van Gelderland ging ik aan de slag in Deventer.
Het grondgebied van de afdeling Oost werd in 1999 uitgebreid. Van Enschede t/m Utrecht en van Zwolle-Kampen-Dronten t/m de Betuwe was ons werkterrein. We bleven in Deventer maar ik had er ondertussen wel 5 collega's bij.
In 2004 begon het KNKV met een reorganisatie. Dat resulteerde erin dat alles gecentraliseerd werd in Utrecht. Verhuizen was voor ons geen optie en in 2005 kwam ik bij huis.
Het valt niet mee om nog weer aan de slag te komen.

Probeer nu huisman te zijn. Bea werkt fulltime als lerares Verzorging op de locatie Vriezenveen van Het Noordik. De tuin, korfbal en kerk, in willekeurige volgorde, houden me bezig. De laatste jaren hebben we, ook door toedoen van onze dochter, het wandelen ontdekt. Niet dat we grote afstanden lopen maar meer voor de ontspanning en beweging.

De hartelijke groeten en tot ziens op de 21e.

Klaas de Groot.

204. Levensloop Catrien Ketting


Hallo oud-klasgenoten,

Zeer verrast was ik toen Warna Schutte met mij contact opnam over de handen zijnde reünie. Ik was perslot pas acht jaar toen ik uit Vroomshoop vertrok. Ik schreef het e-mail adres van Teun Kolkman op een randje van de krant en deze raakte vervolgens zoek. Gisteren belde Nico Stegeman mij weer, dus nu mijn reactie. Overigens wil ik graag naar de reünie komen op 21 april.

Mijn naam is Catrien Ketting (let op de C van Catrien) en ik ben op 13 juli 1953 op het adres Beatrixstraat 9 in Vroomshoop geboren als vierde kind van het Rotterdamse echtpaar Ketting (Leo 1946, Corrie 1948 en Tom 1951) Van 1957 tot 1959 bezocht ik de Gereformeerde Kleuterschool en van 1959 – 1961 de eerste twee klassen van de Gereformeerde Lagere School. In 1960 kreeg ik nog een zusje Eugenie. Ik had het heerlijk in Vroomshoop. Een fijne ongecompliceerde prille jeugd in een rustig dorp. Mijn vader was hoofd van de Christelijke Mulo ook in de Beatrixstraat, maar zijn hart trok naar zijn geboortestad Rotterdam. Ik herinner me nog goed dat mijn vader tussen de middag thuis kwam om (warm) te eten en dat ik hem dan uit school haalde op mijn autoped en mij heel hard terug naar huis duwde. In de zomer van 1961 verhuisden wij dan ook naar Rotterdam. We trokken in een oud huis in het westen van de stad. Mijn moeder vond het verschrikkelijk. Ik niet, ik vond het meteen leuk. Ondanks het feit dat ik Vroomshoop ook fijn vond (en afscheid moest nemen van mijn vriendinnetjes) vond ik Rotterdam spannend. Ik kwam terecht op een “achterbuurtschool” en sprak binnen twee maanden plat Rotterdams. Overigens bezochten wij Vroomshoop nog regelmatig en logeerden dan bij meester Van Duijn. Ook heb ik nog een tijd geschreven met Warna Schutte. In 1963 werd er in Huize Ketting nog een tweeling geboren Angela en Wim en toen was het gezin compleet. Uit Vroomshoop kregen mijn ouders een grote krentenwegge, wat in Rotterdam de krant haalde. Na de lagere school ging ik net als mijn zus Corrie naar de Christelijke Middelbare School voor Meisjes. Doordat ik bleef zitten in de vierde klas kwam ik terecht op de eerste HAVO van Nederland, waar ik zowaar mij diploma haalde. Ik was om het maar eufemistisch te zeggen een wat lastige puber die de geneugten van de grote stad geweldig vond. Na een korte niet afgemaakte studie MO Nederlands, startte ik mijn werkende bestaan bij de Centrale Discotheek (platenuitleen), later bij de documentatieafdeling van de Nederlandse Dagblad Unie (AD en NRC/H). Inmiddels had ik mijn huidige man Joris Boddaert leren kennen en ging in 1974 met hem samenwonen. Na wat omzwervingen kwam ik in 1979 terecht bij de afdeling Voorlichting van de Gemeente Rotterdam. Ik werk nog steeds bij de Gemeente Rotterdam, bij het OntwikkelingsBedrijf Rotterdam als seniorcommunicatieadviseur. In mijn carrière bij de Gemeente Rotterdam heb ik tal van grote evenementen als communicatieadviseur begeleid. Onder ander als perswoordvoerder sportpaleis Ahoy’, bezoek van president Clinton aan onze stad, 50 jaar bevrijding, EURO 2000 (City of the Final) en projectleider “Rotterdam Durft”.
Joris en ik zijn in 1984 getrouwd en hebben twee kinderen, Philip (1984) en Celeste (1987). Joris schrijft boeken over de historie van Rotterdam. Philip zit op de koksschool en Celeste op de School voor Journalistiek We wonen in de week een appartement in Rotterdam en in het weekend en vakanties in een huis in de polder bij Burgh-Haamstede (Zeeland).
Mijn vader is helaas in 1997 overleden. Mijn moeder leeft nog. Ze is wel slecht ter been, maar haar geest is nog net zo helder als die van Sherlock Holmes. Met mijn broers en zussen gaat het ook allemaal prima. Er zijn inmiddels 17 kleinkinderen. Nog geen achterkleinkinderen (laatbloeiers).

203. Levensloop Meester Mulder


Nico Stegeman zorgt voor een uitgetypte versie.

203 A. Levensloop meester Mulder

(De levensloop op nr 203 is door Nico Stegeman uitgewerkt en na telefonisch contact met meester Mulder ook nog aardig uitgebreid)
Mijn volle naam is Johannes Berend Mulder en mijn roepnaam is Joop. Ik ben geboren op 06-02-1927 in Schouwerzijl (gemeente Leens, in Groningen) en ik ben sinds kort dus tachtig jaar. Voor we naar Vroomshoop verhuisden hadden we al heel wat omzwervingen achter de rug en niet alleen in de Provincie Groningen. Ik heb bijvoorbeeld ook in Den Haag gewoond, waar ik werkte bij van der Heem, onder andere fabrikant van de beroemde Solex. Daar studeerde ik economie, maar dat heb ik uiteindelijk verruild voor een spoedcursus onderwijzer.

Het was herfst 1956 dat ik met Tiny en onze twee kinderen Nita en Bertho naar Vroomshoop kwam als opvolger van Dirk Runia. In afwachting van een huis hebben we daar eerst zelfs nog heel kort bij het domineesechtpaar Heersink gewoond. Ik dacht dat dat in Daarlerveen was, maar daar ben ik niet helemaal zeker meer van.

We gingen al snel wonen aan het Linderflier en later het Plantsoen en als collega’s herinner ik me Jan Booi en Ab Voortman, Miep ten Heuvel (maar dat weet ik niet helemaal zeker) en Anneke Nauta.
In Hengelo volgde ik de cursus voor de Hoofdakte, samen met een dochter van Boesekool (van de Tonnendijk) en twee andere collega’s. We kregen er ook nog twee kinderen bij, een meisje en een jongen, Margriet en Geert-Harm.
Maar zoals dat gaat, ik wilde op een gegeven moment promotie en in de herfst van 1963 werd ik hoofd van een tweemansschool in Sebaldeburen, waarvan trouwens mei aanstaande het 75-jarig bestaan wordt gevierd! Vlak na deze reünie heb ik dus alweer een feestje. Sebaldeburen ligt tegen Grootegast aan in de provincie Groningen. Daar werd in 1964 onze zoon Jan-Willem geboren.

1968 was voor ons een donker jaar toen door ernstige ziekte onze oudste zoon Bertho stierf, dat was echt heel erg.

Eind 1969 verhuisden we opnieuw, nu naar Rottevalle in de gemeente Smallingerland, waar ik aan een Jenaplanschool ging werken. Dat was door hun pedagogische opvattingen een zware taak. Gewend als ik was aan het strakke, klassikale onderwijs met opgelegde gehoorzaamheid, moest ik opeens omschakelen naar alles sámen, alles met elkaar doen. Zwaar tijdrovend was dat. Door toenemende hardhorendheid werd ik in 1980 afgekeurd. Ik heb daarna veel tijd besteed aan vredeswerk (IKV) en oecumenische bezigheden (ook in IKV verband) met een kerk in Oost-Berlijn in 1981. Vorig jaar hebben we van die contacten het 25-jarig bestaan gevierd! Dat was vreselijk leuk en ik ben er ook wel trots op dat ik daarin een rol mocht spelen.

Kerkelijk ben ik niet bijster conformistisch. Mijn actieve vredeswerk, ik heb onder andere aan alle grote demonstraties in de jaren tachtig meegedaan, werd mij in de Gereformeerde kerk niet in dank afgenomen. Dat was de reden om toen bij de Nederlands Hervormden te gaan kerken. Na mijn scheiding ging ik naar de Basisbeweging Nederland, een oecumenische beweging voor mensen als ik, die elders in de verschillende kerken geen gehoor vinden. Maar dat was maar eens per maand en ik wil toch wel graag iedere week naar de kerk. Daarom zijn we nu te gast bij de Doopsgezinden, een vrijzinnige plek waar Liesbeth, waarmee ik in 2002 trouwde, en ik ons beiden erg thuis voelen.

Ik mag wel zeggen dat ik mijn blik heb verruimd bij de HOVO Seniores Academia (hoger onderwijs voor ouderen), bijvoorbeeld over het ontstaan van het Christendom. Dat was eerst alleen in Groningen, als initiatief van de Groninger Universiteit, maar later ook in Leeuwarden. Verder volgde ik meerdere Leerhuizen. Die zijn afkomstig uit de Joods-Christelijke traditie waarbij binnen de Joods/Christelijke relatie de laatsten vooral onderzochten welke mede-verantwoordelijkheid zij hadden voor het lot van de Joden na WO 2.

202. Aanvulling op levensloop van Duijn nr 190 door Oldenkamp

Meester en Mevrouw van Duyn.

Op 11 juni 1959, daags na onze trouwdag, verhuisden wij naar Prinsenkamp 70 in Vroomshoop. Het werk aan de Gereformeerde School begon. We hadden er een heel goede tijd van 1959 tot 1965. Het was een fijne school en het was er plezierig werken onder de leiding van Meester van Duyn. Een goed Hoofd, een hoogstaand en wijs man, altijd genegen om te helpen, zeer gewaardeerd bij het personeel, de ouders en de kinderen. Het Christelijk Onderwijs stond bij hem hoog in het vaandel.

Soms kon hij boos worden op de lieve jeugd: met verheffing van stem riep hij de jongelui dan tot de orde. Dit leverde hem de bijnaam ‘de buie’ op. We vierden als personeel het 25 jarig huwelijksfeest mee met Meester en Mevrouw van Duyn. Op het schoolplein zongen we het bruidspaar een zelfgemaakt lied toe, een van ons speelde de rol van Ambtenaar van de Burgerlijke Stand en verbond het paar opnieuw ‘in de echt’. Een zin uit het lied is mij bijgebleven: ‘want iedereen wilde zien, Eduard en Mien’.

Een van de collega's betrok een nieuwe woning aan het Plantsoen. Het personeel werd uitgenodigd. We spraken af dat het huis gedoopt moest worden. Meester van Duyn hield een klinkende toespraak. Jammer dat de fles met ‘Champagne Flierakkeria de Plantsoenia’ (koude thee) de klap tegen de muur overleefde!

De kinderen van de hoogste klas kregen voor een bepaalde tijd (twee weken?) aardappel-
rooivakantie. Maar....toen de periode voorbij was, hielden de ouders de kinderen nog thuis, goedkope arbeidskrachten! Meester van Duyn daagde de ouders voor de ‘Commissie tot wering van schoolverzuim’. Ze kregen allemaal een boete, maar daar lagen ze niet wakker van, het financiële gewin was groter dan de boete. Toch ging een der boeren er niet mee accoord en probeerde zijn gelijk bij de meester te halen. Hij werd in de gang binnengelaten en toen begon hij op niet mis te verstane manier meester van Duyn flink de kast uit te vegen. Meester van Duyn, altijd heel rustig, kalm, voelde zich beledigd, werd heel kwaad en bedacht zich niet. Hij pakte de man bij de kraag, zette hem buiten de deur en smeet deze met een knal dicht. Toen Meester van Duyn weer in de kamer kwam waar het eten was opgediend zei Mevrouw van Duyn: ‘Eduard,dit kost je leerlingen’. Er zaten namelijk kinderen uit dit gezin op school. Echter... er gebeurde niets. (dit ‘aardappelrooi’ gebeuren speelde zich voor onze tijd af, maar ik vond het te mooi om niet te vermelden)

In 1971 werd Meester van Duyn ernstig ziek, hij werd opgenomen in het ziekenhuis in Almelo. Na enige tijd kwam hij weer thuis, maar was niet genezen. Wij woonden inmiddels in Groningen en adviseerden om naar het Academisch Ziekenhuis te gaan, wat na overleg met dokter Visser gebeurde. Van eind november '74 tot eind januari '75 logeerde Mevrouw van Duyn bij ons zodat ze haar man elke dag kon bezoeken. Kort daarna volgde weer opname in Groningen en op 30 juni '75 voor de derde keer, nu heel kort want op 1 juli '75 overleed Meester van Duyn op de leeftijd van 66 jaar.
Op 5 juli werd hij in besloten kring begraven op het kerkhof in Den Ham, daarna was er een rouwdienst in de Gereformeerde Kerk in Vroomshoop, geleid door Ds. R. Boiten.
Meester van Duyn had nog zoveel plannen, erg jammer dat hij niet van zijn pensioen heeft kunnen genieten, dat hadden we hem van harte gegund, dat had hij zo verdiend!

Mevrouw van Duyn, een echte schooljuf, was een pittige, doortastende vrouw. Ze wist wat ze wilde. Heel vaak viel ze in op school, als een leerkracht verstek moest laten gaan. Ze was breed inzetbaar, je kon elke klas aan haar toevertrouwen. Ook zij vond Christelijk Onderwijs heel belangrijk!
Na het overlijden van Meester van Duyn heeft ze vaak bij ons gelogeerd en wij kwamen dikwijls bij haar. Ze miste haar man heel erg, maar klaagde niet. We hadden samen fijne gesprekken.
Naarmate ze ouder werd, werd ze ook milder in haar oordeel, maar ze bleef toch altijd de ‘Juf’ met het opgestoken vingertje! Daar hebben we haar vaak mee geplaagd!
De laatste jaren van haar leven waren niet gemakkelijk. Verschillende dingen die gedaan moesten worden, vielen haar steeds zwaarder. Op den duur kon ze niet meer thuis wonen en verhuisde zij naar Kronnenzommer in Hellendoorn. Over de verzorging was ze heel tevreden. Vaak zei ze: ‘ze zijn hier vriendelijk, het is hier schoon en netjes en het eten is goed’ en ook ‘ik heb een goed leven gehad’.
Op 23 mei 2003 overleed ze op 91-jarige leeftijd. Na een rouwdienst in de Gereformeerde Kerk in Vroomshoop, waarin opnieuw Ds.Boiten voorging,werd ze in besloten kring naast haar man begraven.

Wij hebben door allerlei omstandigheden Meester en Mevrouw van Duyn goed leren kennen en waarderen. Het waren oprecht gelovige en fijne mensen. Met veel respect denken we nog vaak aan hen , zo blijven ze in onze herinnering voortleven.

Janny en Harm Oldenkamp

201. Reactie op nr 180. 2.000.000 ste TV in 1965

Onder nr 180 heb ik wat opmerkelijke foto's geplaatst uit 1965. Waaronder de 2 miljoenste tv kijker. Het jongetje wat op die foto staat meldt zich per email, omdat hij aan het zoeken was op internet op zijn naam. Grappige toevallige contacten die alleen maar via internet tot stand kunnen komen. Ik heb hem gevraagd of hij zich er iets van kan herinneren en of hij dat dan op ons blog wil plaatsen. Zie zijn reactie onderstaand

'Dag Teun, Dwalend over het internet met het treftwoord "C Bouterse" kwam ik op jouw blogsite van de Meester van Duijn school in Vroomshoop. In de verhalen 'Wat gebeurde er in 1965? Die C Bouterse is mijn (reeds lang overleden) vader. En dat jongetje? Ja, dat ben ik.Leuk om mezelf op een onverwachte plaats tegen te komen. Met vriendelijke groet, Cees Bouterse, Elburg'

nr 200. Levensloop Jan Alberst






Mijn eerste autobiografie – een opstel

Tja, hoe is het mij vergaan na mijn lagere school-tijd… Ik ging met een aantal anderen van school naar de Jan van Arkel-HBS in Hardenberg. Met matige cijfers voor algebra en meetkunde, en goede cijfers voor talen ging ik over naar klas 2. Maar ik wilde meer doen met talen, en ben overgestapt naar het gymnasium in Almelo. Dat werd echter niet zo’n success. Nadat ik in de derde klas overtuigend was blijven zitten, moest er voor mij een andere weg gezocht werden. Ik kwam terecht in Hoogeveen, waar ik op één van de eerste mammoet-scholen de HAVO-opleiding ging doen. Dat ging me een stuk beter af: drie jaar later kon ik mijn HAVO-diploma ophalen.
Daarna een soortgelijk verhaal met schoolkeuze: ik ging in Enschede naar de HEAO, maar haalde zwakke cijfers voor de economische vakken. Voor wiskunde echter (toen wel!) en dat nieuwe vak informatica waren de resultaten prima. Zo goed dat een docent zei: je zit op de verkeerde opleiding, je zou op de HIO moeten zitten! (HIO stond voor Hoger Informatica Onderwijs; van de twee scholen in Nederland zat er één in dezelfde scholengemeenschap als ‘mijn’ HEAO). Dus ik wisselde van opleiding, en inderdaad: op de HIO vond ik helemaal mijn draai. In 1977 haalde ik mijn HIO-diploma.
Daarna werd het tijd om werk te zoeken, en dat vond ik als technisch-wetenschappelijk programmeur bij Wavin in Hardenberg. Hoe maak je met zo weinig mogelijk materiaal kratten die je 20-hoog op elkaar kunt stapelen zonder dat de onderste inzakt; zulk werk.
In Hardenberg begonnen twee rode draden in mijn leven: ik werd lid van een koor, en ik werd lid van Amnesty International. Beide ben ik nog steeds (al ben ik wel een paar keer van koor veranderd). Voor de geïnteresseerden: ik heb een CD-opname toegevoegd van “Selig sind die Toten” van Heinrich Schütz. Dit even grandioze als ontroerende stuk muziek heb ik jaren geleden met een ander koor al eens uitgevoerd, en ik vind het helemaal niet erg dat we het nu met mijn huidige koor aan het instuderen zijn.
Selig sind die Toten die in dem Herren sterben, von nun an.
Ja, der Geist spricht: sie ruhen von ihren Arbeit und ihre Werken folgen ihnen nach.
Nagenoeg elk woord van de tekst hoor je ook in de noten!
In de vakanties heb ik veel gefietst. Inmiddels ben ik in veel delen van Europa, en ook een keer in Amerika geweest. Onder andere de Pyreneeën, de Schotse Hooglanden en de Rocky Mountains heb ik per fiets doorkruisd.
Na vijf jaar Wavin ben ik overgestapt naar het Gasbedrijf Gemeente Groningen. Nu, bijna 25 jaar en 6 fusies verder, zit ik bij het grootste (en als de plannen doorgaan binnenkort het allergrootste) energiebedrijf van Nederland. Omdat ik inmiddels ook een bedrijfskunde-opleiding gevolgd had, kwam mijn werk steeds meer op het snijpunt van informatica en bedrijfsprocessen te liggen. Ik werk nu als functioneel beheerder om er voor te zorgen dat ons belangrijkste bedrijfssysteem aansluit bij de eisen en wensen van de organisatie. Tot mijn grote plezier is mijn standplaats gelijk aan mijn woonplaats (Groningen), al moet ik geregeld het land in - met name naar Arnhem en Zwolle.
Bij Amnesty International in Groningen heb ik Anneke leren kennen. Met haar klikte het zo goed, dat we in 1993 getrouwd zijn. We hebben twee jongens, Joris van 7 en Flor van 6, en ik geniet elke dag weer van mijn gezin. Anneke en ik hebben hetzelfde favoriete vakantieland (Engeland), daar gaan we zeker weer eens heen als onze jongens wat groter zijn!
Ander onderwerp nu: foto’s. Ik heb geen foto’s van de tijd op de lagere school, dus heb ik alleen recente foto’s van mezelf en mijn gezinsleden toegevoegd. Een aantal van jullie kon ik ondanks de ruim veertig jaar die we allemaal ouder geworden zijn toch herkennen van de foto’s van nu; benieuwd of dat bij jullie ook zo is!
Dat hoor ik ongetwijfeld op 21 april. Gegroet en tot dan!

Jan Alberts

199. Rapport Willy Post
















198. Bijdrage Willy Post, poeziealbum!





































197. Levensloop Piet Hulshof


Hallo klasgenoten,

Hier een klein berichtje van mij, Piet Hulshof.
Na de zesde klas lagere school ben ik naar de LTS gegaan in Vroomshoop. Na drie jaar LTS ben ik gaan werken als schilder. Ik woonde toen nog bij mijn ouders. Daarna ben ik in de meubelfabriek gaan werken in Vroomshoop, ik heb daar allerlei werkzaamheden verricht.
Toen ik 20 jaar was ben ik in dienst gegaan. Voor die tijd kwam ik een leuke blondine tegen die ik tot op heden nog steeds mijn vrouw mag noemen. Ik heb in die tijd 16 maanden in dienst gezeten, ik was gelegerd in Havelte. Militaire dienst was voor mij een grandioze ervaring die ik niet had willen missen. Ik zat bij de staf staf verzorging en zat daarom veel in het buitenland.
Na mijn diensttijd heb ik nog ongeveer 6 jaar in de meubelfabriek gewerkt, ik was ondertussen verhuisd naar Lemelerveld. Na het werken in de meubelfabriek heb ik een omscholingscursus gevolgd voor metselaar en timmerman. Ik heb toen twee jaar voor een aannemer gewerkt. Begin jaren 80 ben ik gaan werken bij een afbouwbedrijf als uitlijner en wandensteller. Dit beroep oefen ik nog steeds uit.

Ik ben in 1974 getrouwd met Marga. Samen hebben we 3 kinderen gekregen. Twee zoons en een dochter. Alle kinderen wonen samen en ik ben vorig jaar de trotse opa geworden van een kleinzoon.
In mijn vrije tijd mag ik graag vissen(mooi weer visser), verder hou ik van muziek luisteren en motorraces bezoeken.

De eerste klas van de lagere school heeft de meeste indruk op mij gemaakt, ik kan de schoolbankjes met inktpotjes nog goed herinneren. Wie weet komen in de gesprekken met jullie over de jaren daarna nog meer herinneringen terug.

Groetjes Piet Hulshof.

P.S. hebben jullie nog (Engelstalige rock en bleus elpees) op zolder staan
(70, 80, 90er jaren ………… )niet weggooien, maar neem ze mee op 21 april.